U bent hier

Calamiteitenplan: noodreactie- en herstelplan stroomstoring en/of technische storing

Calamiteitenplan: noodreactie- en herstelplan stroomstoring en/of technische storing

Aangekondigd of niet, een stroomstoring kan ernstige schade veroorzaken aan het erfgoed. Wat gebeurt er met de diefstal- en vandalismebeveiliging? Werkt het alarm? Is er een noodoplossing voor gevoelig erfgoed dat gewend is aan een stabiel klimaat?

Bereid je daarom goed voor op een stroomstoring en/of technische storing.

WAT?

Een brown-out is een door de overheid aangekondigde stroomstoring. Een black-out daarentegen is een onaangekondigde stroomstoring.

 

 Tips en tricks                                                                                                           

Bereid je niet alleen voor op de periode waarin de stroom onderbroken is, maar ook op het afschakelen en opnieuw inschakelen van de elektrische installaties. Als ze automatisch ingeschakeld worden, riskeer je overbelasting en defecten.

 

VOORBEREIDING OP EEN brown-out en black-out

  • Bepaal op voorhand kritische punten, zoals:

- automatisch opengaande deuren, poorten, slagbomen;
- ICT: servers, draadloze netwerken, gsm-masten;
- klimaatinstallatie en koelcel, maar ook verwarming, koeling en ventilatie;
- liften;
- de werking van een noodtelefoon;
- afvalwaterpompen.

  • Zorg voor voldoende zaklampen, gsm's en een radio met opgeladen batterijen voor de collectiehulpverleners.
  • Stel vooraf een ploeg samen om in te grijpen bij een brown-out/black-out: laat de samenstelling afhangen van de opdrachten.
  • Houd niet alleen rekening met het opvolgen van de elektrische installaties, maar ook met de evacuatie van bezoekers en de mogelijke evacuatie van het erfgoed. Denk in verband met het erfgoed vooral aan de beveiliging en de klimaatinstallaties.
  • Onderzoek de mogelijkheden om noodgeneratoren in gebruik te nemen of maak vooraf afspraken met bedrijven/erfgoedinstellingen die dezelfde installaties in huis hebben. Overweeg om de collectie bij een lange stroomonderbreking/technische storing te verhuizen naar een andere locatie met goede voorzieningen.
  • Bepaal vooraf de plaats van het crisiscentrum en nooddepot. Houd de contacten up-to-date, ook in het noodreactieplan.
  • Schrijf alle noodzakelijk uit te voeren opdrachten vooraf uit. Check ook achteraf of de aanpak goed was en breng indien nodig correcties aan
  • Leid de medewerkers op om juist te reageren bij een stroomonderbreking of technische storing.
  • Maak afspraken en informeer de medewerkers over de gang van zaken bij een brown-out/black-out en de wijze waarop over een brown-out gecommuniceerd zal worden.

 

 Tips en tricks                                                                  

Test als oefening de reactie van het gebouw zelf uit bij een volledige stroomonderbreking en onderzoek welke opeenvolgende acties nodig zijn. Tegelijk kun je nagaan of de noodverlichting voldoende is om het erfgoed te evacueren en hoe lang de noodverlichting precies blijft werken.

 

Voorbereiding OP EEN brown-out

 

COMMUNICATIE OVER DE BROWN-OUT

  • Volg de berichtgeving van de overheid over de aangekondigde afschakeling.
  • Waarschuw het personeel dat is aangeduid om in te grijpen bij een brown-out en vraag om aanwezig/stand-by te zijn. 
  • Organiseer geen activiteiten (vergaderingen, bezoeken, rondleidingen...) op dagen waarop een een brown-out wordt aangekondigd en last geplande activiteiten af.
  • Informeer tijdig en via alle mogelijke kanalen het personeel en klanten/gebruikers van het gebouw dat er geen activiteiten plaatsvinden.

 

DE DAG VAN DE BROWN-OUT

  • Zorg voor de afschakeling dat:
    • alle activiteiten afgelopen zijn;
    • de gebouwen ontruimd zijn;
    • de toegang tot de gebouwen afgesloten is;
    • de servers uit dienst zijn genomen;
    • de medewerkers bij het afschakelplan ter plaatse zijn.
  •  Blijf ter beschikking voor vragen.
  • Laat u informeren over de opstart van de installaties.
  • Controleer bij de opstart of alle installaties effectief opnieuw functioneren.

 

 

ACTIES BIJ EEN BLACK-OUT


1. ALARMEER

  • Schakel indien veilig alle in de ruimte aanwezige elektrische apparatuur (ook computers) uit en haal de stekkers uit stopcontacten.
  • Verlaat de ruimte via de dichtstbijzijnde (nood)uitgang en neem indien mogelijk een zaklamp mee.
  • Verleen assistentie: help andere medewerkers en bezoekers in de buurt.
  • Als het te donker is om je te verplaatsen, blijf dan in de ruimte waar je bent en wacht op hulp.
  • Gebruik geen vuur om licht te maken (brandgevaar). 
  • Kom onmiddellijk samen met de medewerkers op een afgesproken plaats (bv. verzamelplaats in noodsituaties). 
  • Controleer of er voldoende medewerkers aanwezig zijn voor het uitvoeren van de afgesproken maatregelen bij een stroomstoring en contacteer indien nodig extra medewerkers.
  • Controleer of er voldoende collectiehulpverleners zijn voor het opvolgen van de elektrische installaties en de evacuatie van het erfgoed.
  • Start eerst de evacuatie van de bezoekers en medewerkers. Als er een lift is, besteed de nodige aandacht aan het evacueren van bezoekers/medewerkers uit de lift.


2. VEILIGHEID EERST

  • Mensen eerst: zorg eerst voor de eigen veiligheid en die van de medewerkers. 
  • Start pas met de evacuatie van het erfgoed als de veiligheid van alle medewerkers is gegarandeerd.


3.VERDERE ACTIES WANNEER DE LOCATIE VEILIG IS

  •  Overweeg of het noodzakelijk is het erfgoed te evacueren naar een nooddepot. Is dit het geval, start dan de evacuatieprocedure.


4. ZET EEN CRISISENTRUM OP

  • Afhankelijk van de noden verhuizen de collectiehulpverleners het erfgoed naar het crisiscentrum in de omgeving van het depot of een andere instelling met de nodige specifieke installaties (nooddepot waarmee vooraf afspraken zijn gemaakt). Zie verder herstelplan en evacuatie van het erfgoed.


5. STABILISEER HET GEBOUW

  • Laat de ingangen bewaken, zodat er geen onbevoegde personen toegang krijgen tot de gebouwen.
  • Laat het afschakelplan dat werd voorbereid, uitvoeren door de bevoegde medewerkers. Voor het afschakelen en opstarten van laagspanningsborden is een specifieke opleiding nodig. 
  • Laat na het opkomen van de spanning de installaties opnieuw inschakelen door de opgeleide medewerkers.
  • Controleer of alle installaties opnieuw naar behoren functioneren en geef de informatie door. Het gaat o.m. over automatische deuren, elektrisch bediende poorten, branddetectie, inbraakalarm, klimaat- en verwarmingsinstallaties, afvalwaterpompen, ICT...
  • Laat u informeren over de opstart van de installaties.

 

6. HERSTELPLAN

  • Bepaal welke voorwerpen moeten verhuizen naar het nooddepot of het crisiscentrum. 
  • Houd bij welke voorwerpen moeten verhuizen en welke een behandeling nodig hebben: waar, datum, nodige ingrepen, standplaatsregistratie.
  • Beperk het administratieve werk tot het minimum. Breng vooral de voorwerpen in veiligheid (zie later).
  • Vul het evacuatieformulier in voor de voorwerpen die zullen worden geëvacueerd.

 

6. EVACUATIE VAN HET ERFGOED

  • Evacueer de voorwerpen met de collectiehulpverlener volgens de volgorde van de prioriteitenlijst.
  • De overige formulieren die je in deze noodsituatie nodig hebt, zijn afhankelijk van je eigen organisatie. Enkele voorbeelden:
    • telformulier evacuatie bezoekers/personeel of aanwezigheidslijst;
    • taakverdeling crisisploeg, eerste interventieploeg en collectiehulpverleners;
    • lijst met nuttige telefoonnummers;
    • lijst met nooddepots/beredderingsbedrijven bij calamiteiten;
    • prioriteitenlijst bij evacuatie erfgoed;
    • samenstelling en locatie crisiscentrum bij evacuatie erfgoed;
    • evacuatieplannen gebouw.

  

Laatst gewijzigd op 05/11/2014