Klimaatzones
Klimaatzones
Wat zijn klimaatzones? Hoe ontstaan natuurlijke klimaatzones? Waarom en hoe creëer je zelf klimaatzones?
Wat?
- Ze ontstaan door natuurlijke klimaatverschillen in het gebouw.
- We creëren ze bewust met het oog op klimaatbeheersing.
WAAR?
Dat hangt van de ligging, oriëntatie en indeling van het depot af. Veel houdt verband met de invloed van zon (opwarming) en wind (afkoeling). Zo zal het binnenklimaat achter de zuidgevel warmer zijn dan elders in het gebouw, behalve als een naburig gebouw de zonnestralen tegenhoudt. Kelderverdiepingen zijn doorgaans veel koeler en vaak vochtiger. (Wat nog niet wil zeggen te vochtig.)
Tussen ruimtes met enkel en dubbel glas is er een groot verschil. Ook de nabijheid van buitendeuren die af en toe opengaan, publieksruimtes of kantoren speelt ook een rol.
De ruimtes met het meest stabiele natuurlijke binnenklimaat liggen doorgaans weg van buitenmuren, ingangen, ramen en grote warmte- en vochtbronnen. Klimaatmetingen kunnen dat bevestigen.
Werken met klimaatzones
Het principe is vrij eenvoudig: vertrek van de natuurlijke verschillen in het binnenklimaat en ent daarop de klimaatklassen die je nodig hebt. Reserveer de meest stabiele ruimtes voor de hoogste klimaatklassen, de minst stabiele voor massieve of niet-klimaatgevoelige voorwerpen, de droogste voor metalen voorwerpen enzovoort.
Een bijkomend aandachtspunt: creëer in aangrenzende ruimtes geen volledig verschillende klimaten, tenzij het niet anders kan of het natuurlijke verschil al groot was. Via de deuropening of de verbindende gang zal er immers meer energie verloren gaan en meer verstoring optreden naarmate het klimaatverschil groter is.
Klimaatbox
Heb je veel voorwerpen die thuishoren in klimaatklasse B en maar een aantal topstukken die beter verdienen? Overweeg dan de mogelijkheid van een klimaatbox. Dat wil zeggen dat je geen hele kamer volgens de A-klasse klimatiseert, maar de meer gevoelige en/of waardevolle voorwerpen in een luchtdichte box opbergt. Daarin kan je het niveau van klimaatbeheersing verhogen of indien nodig een afwijkend klimaat creëren, op passieve of actieve wijze.
TIPS & TRUCSBepaal in een depot met verschillende ruimtes en klimaatklassen van elke ruimte de klasse. Dat hoeft niet volgens ASHRAE, maar de oefening moet duidelijk maken welke ruimtes een gelijkaardig klimaat hebben en welke niet. Zet het resultaat uit op een grondplan, eventueel met kleuren, en hang dat op in je depotruimtes. Doel is snel een idee te hebben van de risico's verbonden aan interne transporten:
|
